Mechanisme
Amyline is een hormoon dat de alvleesklier samen met insuline afgeeft zodra er voedsel binnenkomt. Het signaal landt in de hersenstam, onder meer in de area postrema, en geeft daar een verzadigingsgevoel af; daarnaast vertraagt het de maaglediging. Cagrilintide bootst dat hormoon na in een vorm die het lichaam veel langzamer kwijtraakt.
Lichaamseigen amyline is farmaceutisch lastig: het klontert makkelijk tot amyloïde fibrillen, en het oudere analoog pramlintide vergde door zijn korte halfwaardetijd drie injecties per dag. Bij cagrilintide is de keten gestabiliseerd en voorzien van een vetzuurstaart die aan albumine bindt. In fase 1b-onderzoek lag de halfwaardetijd op 159 tot 195 uur, bijna een week, wat eenmaal wekelijkse toediening mogelijk maakt.
Receptoronderzoek laat zien dat cagrilintide een duale agonist is: het activeert zowel de amylinereceptoren, de calcitoninereceptor gekoppeld aan RAMP-eiwitten, als de kale calcitoninereceptor zelf. Cryo-EM-werk uit 2025 bracht in beeld hoe het peptide in beide receptortypen bindt. Muizenonderzoek wees vervolgens de amylinereceptoren 1 en 3 in de hersenen aan als de plek waar het gewichtseffect ontstaat.
Omdat deze route via andere receptoren loopt dan GLP-1, is de gedachte dat beide verzadigingssignalen elkaar aanvullen. Dat is de basis van het gezamenlijke onderzoeksprogramma met semaglutide 2,4 mg, waarin de twee middelen samen als CagriSema zijn onderzocht.
Wat studies laten zien
Als los middel is cagrilintide getest in een fase 2-onderzoek met 706 deelnemers zonder diabetes. Het gewichtsverlies na 26 weken was dosisafhankelijk en liep op tot 10,8 procent, tegenover 3,0 procent bij placebo. De hoogste dosering deed het ook beter dan liraglutide, een goedgekeurd GLP-1-middel dat als actieve vergelijker meeliep (10,8 tegenover 9,0 procent).
Het fase 1b-onderzoek combineerde cagrilintide met semaglutide 2,4 mg en zag na 20 weken al 15,7 tot 17,1 procent gewichtsverlies bij de hogere doses, tegenover 9,8 procent met semaglutide alleen. In de fase 2-studie bij 92 mensen met diabetes type 2 hield dat patroon stand: CagriSema gaf 15,6 procent verlies, semaglutide alleen 5,1 procent en cagrilintide alleen 8,1 procent, terwijl het HbA1c met 2,2 procentpunt daalde.
De fase 3-resultaten uit het REDEFINE-programma verschenen in 2025. REDEFINE 1 volgde 3417 deelnemers zonder diabetes over 68 weken: min 20,4 procent lichaamsgewicht met cagrilintide-semaglutide tegenover min 3,0 procent bij placebo. REDEFINE 2 deed hetzelfde bij 1206 mensen met diabetes type 2 en vond min 13,7 tegenover min 3,4 procent; bijna driekwart van de deelnemers kwam op een HbA1c van 6,5 procent of lager uit.
De bijwerkingen zijn in alle studies vooral maag-darmklachten: misselijkheid, braken, diarree en obstipatie, meestal voorbijgaand en mild tot matig, maar wel vaak (in REDEFINE 1 bij 79,6 procent tegenover 39,9 procent op placebo). In het monotherapie-onderzoek kwamen daar reacties op de injectieplaats bij. Een aparte thorough-QT-studie bij gezonde deelnemers vond geen klinisch relevante verlenging van het QTc-interval.
Waar het bewijs ophoudt
Cagrilintide is nergens goedgekeurd als los middel, en het langste gepubliceerde monotherapie-onderzoek duurde 26 weken. De co-toediening met semaglutide zit verder: het REDEFINE-programma leverde fase 3-data en het REIMAGINE-programma onderzoekt de co-formulering bij diabetes type 2, maar ook die is nog niet goedgekeurd. Cardiovasculaire uitkomstdata zijn nog niet gepubliceerd.
De langste gepubliceerde studies lopen 68 weken. Wat er na staken gebeurt is voor cagrilintide en CagriSema niet gepubliceerd; bij semaglutide is gedocumenteerd dat het meeste verlies dan terugkeert, en of dat hier anders ligt is onbekend.
In REDEFINE 1 telde de losse cagrilintide-arm maar 302 deelnemers, zodat de monotherapie-cijfers over 68 weken op een smalle basis rusten. Alle genoemde trials zijn bovendien opgezet en gefinancierd door de fabrikant; dat is gebruikelijk in deze ontwikkelfase, maar onafhankelijke replicatie ontbreekt vooralsnog.
Gepubliceerde onderzoeken
Per onderzoek de opzet, populatie en uitkomst zoals gepubliceerd, inclusief bijwerkingen en beperkingen. Beschrijvend; geen gebruiksadvies.
- Populatie
- 706 volwassenen zonder diabetes met obesitas, of overgewicht met hypertensie of dyslipidemie, naast 99 deelnemers op liraglutide en 101 op placebo
- Opzet
- gerandomiseerd, dubbelblind, placebo- en actief-gecontroleerd dose-finding-onderzoek over 26 weken in tien landen; deelnemers werden toegewezen aan eenmaal wekelijks subcutaan cagrilintide 0,3, 0,6, 1,2, 2,4 of 4,5 mg, eenmaal daags liraglutide 3,0 mg of placebo, met een dosisescalatieperiode van maximaal 6 weken volgens het studieprotocol
- Uitkomst
- gewichtsverlies na 26 weken dosisafhankelijk van 6,0 tot 10,8 procent tegenover 3,0 procent bij placebo; de hoogste dosering gaf meer verlies dan liraglutide (10,8 tegenover 9,0 procent)
- Bijwerkingen en uitval
- vooral maag-darmklachten (misselijkheid 20 tot 47 procent tegenover 18 procent bij placebo) en reacties op de injectieplaats
- Beperkingen
- looptijd 26 weken en alleen deelnemers zonder diabetes; geen gepubliceerde data over wat er na staken gebeurt
- Populatie
- 96 verder gezonde volwassenen van 18 tot 55 jaar met een BMI van 27,0 tot 39,9
- Opzet
- gerandomiseerd, placebogecontroleerd multiple-ascending-dose-onderzoek over 20 weken; deelnemers werden per cohort toegewezen aan eenmaal wekelijks subcutaan cagrilintide 0,16 tot 4,5 mg of placebo, telkens naast semaglutide 2,4 mg, waarbij de doses volgens het studieprotocol in stappen van 4 weken werden geëscaleerd
- Uitkomst
- primair eindpunt was veiligheid; gewichtsverlies na 20 weken liep bij de hogere doses op tot 17,1 procent tegenover 9,8 procent bij placebo naast semaglutide; halfwaardetijd van cagrilintide 159 tot 195 uur
- Bijwerkingen en uitval
- 37 procent van de gemelde bijwerkingen betrof maag-darmklachten, meest mild tot matig; het aandeel deelnemers met bijwerkingen was vergelijkbaar tussen de groepen
- Beperkingen
- klein en kort; opgezet voor veiligheid en farmacokinetiek, niet voor effectiviteit
- Populatie
- 92 volwassenen met diabetes type 2 en een BMI van 27 of hoger, op metformine met of zonder SGLT2-remmer
- Opzet
- dubbelblind, actief-gecontroleerd onderzoek over 32 weken; deelnemers werden toegewezen aan eenmaal wekelijks CagriSema, semaglutide of cagrilintide, telkens geëscaleerd naar 2,4 mg
- Uitkomst
- HbA1c daalde 2,2 procentpunt met CagriSema; het gewicht daalde 15,6 procent tegenover 5,1 procent met semaglutide en 8,1 procent met cagrilintide alleen
- Bijwerkingen en uitval
- vooral milde tot matige maag-darmklachten; geen ernstige hypoglykemie gemeld
- Beperkingen
- 92 deelnemers en 32 weken; nadrukkelijk opgezet als opmaat naar grotere fase 3-studies
- Populatie
- 3417 volwassenen zonder diabetes met obesitas, of overgewicht met minstens één gewichtsgerelateerde aandoening
- Opzet
- dubbelblind, placebo- en actief-gecontroleerd onderzoek over 68 weken; deelnemers werden 21:3:3:7 toegewezen aan wekelijks cagrilintide-semaglutide (beide 2,4 mg), semaglutide 2,4 mg, cagrilintide 2,4 mg of placebo, allen naast leefstijlinterventie
- Uitkomst
- gewichtsverandering na 68 weken van min 20,4 procent met cagrilintide-semaglutide tegenover min 3,0 procent bij placebo
- Bijwerkingen en uitval
- maag-darmklachten bij 79,6 procent tegenover 39,9 procent bij placebo, meest voorbijgaand en mild tot matig
- Beperkingen
- de losse cagrilintide-arm telde maar 302 deelnemers, dus over langdurige monotherapie zegt deze studie weinig
- Populatie
- 1206 volwassenen met diabetes type 2, een BMI van 27 of hoger en een HbA1c van 7 tot 10 procent
- Opzet
- dubbelblind, placebogecontroleerd onderzoek in 12 landen over 68 weken; deelnemers werden 3:1 toegewezen aan wekelijks cagrilintide-semaglutide (beide 2,4 mg) of placebo, naast leefstijlinterventie
- Uitkomst
- gewichtsverandering na 68 weken van min 13,7 procent tegenover min 3,4 procent bij placebo; 73,5 procent bereikte een HbA1c van 6,5 procent of lager tegenover 15,9 procent bij placebo
- Bijwerkingen en uitval
- maag-darmklachten bij 72,5 procent tegenover 34,4 procent bij placebo, meest voorbijgaand en mild of matig
- Beperkingen
- looptijd 68 weken; geen gepubliceerde data over duurzaamheid van het effect na staken
Bronnen
13 publicaties, elke verwijzing geverifieerd tegen PubMed.
- Once-weekly cagrilintide for weight management in people with overweight and obesity: a multicentre, randomised, double-blind, placebo-controlled and active-controlled, dose-finding phase 2 trialLau DCW et al. · Lancet (London, England) · 2021 · PMID 34798060
- Safety, tolerability, pharmacokinetics, and pharmacodynamics of concomitant administration of multiple doses of cagrilintide with semaglutide 2·4 mg for weight management: a randomised, controlled, phase 1b trialEnebo LB et al. · Lancet (London, England) · 2021 · PMID 33894838
- Efficacy and safety of co-administered once-weekly cagrilintide 2·4 mg with once-weekly semaglutide 2·4 mg in type 2 diabetes: a multicentre, randomised, double-blind, active-controlled, phase 2 trialFrias JP et al. · Lancet (London, England) · 2023 · PMID 37364590
- Coadministered Cagrilintide and Semaglutide in Adults with Overweight or ObesityGarvey WT et al. · The New England journal of medicine · 2025 · PMID 40544433
- Cagrilintide-Semaglutide in Adults with Overweight or Obesity and Type 2 DiabetesDavies MJ et al. · The New England journal of medicine · 2025 · PMID 40544432
Toon de overige 8 bronnen
- Development of Cagrilintide, a Long-Acting Amylin AnalogueKruse T et al. · Journal of medicinal chemistry · 2021 · PMID 34288673
- AM833 Is a Novel Agonist of Calcitonin Family G Protein-Coupled Receptors: Pharmacological Comparison with Six Selective and Nonselective AgonistsFletcher MM et al. · The Journal of pharmacology and experimental therapeutics · 2021 · PMID 33727283
- Structural and dynamic features of cagrilintide binding to calcitonin and amylin receptorsCao J et al. · Nature communications · 2025 · PMID 40204768
- Cagrilintide lowers bodyweight through brain amylin receptors 1 and 3Carvas AO et al. · EBioMedicine · 2025 · PMID 40609154
- Cagrilintide is not associated with clinically relevant QTc prolongation: A thorough QT study in healthy participantsGabe MBN et al. · Diabetes, obesity & metabolism · 2024 · PMID 39279639
- Long-acting amylin analogues for the management of obesityMathiesen DS et al. · Current opinion in endocrinology, diabetes, and obesity · 2022 · PMID 35066542
- Cagrilintide: A Long-Acting Amylin Analog for the Treatment of ObesityD'Ascanio AM et al. · Cardiology in review · 2024 · PMID 36883831
- Cagrilintide-semaglutide (CagriSema) versus semaglutide or cagrilintide in people with type 2 diabetes (REIMAGINE 2): a double-blind, randomised, controlled, phase 3 studyBuse JB et al. · The lancet. Diabetes & endocrinology · 2026 · PMID 42251859
Vragen over Cagrilintide
- Wat doet cagrilintide?
- Cagrilintide bootst amyline na, een hormoon dat de alvleesklier na het eten afgeeft. Het signaal geeft in de hersenstam een verzadigingsgevoel en vertraagt de maaglediging. Bij muizen ontstond het gewichtseffect via de amylinereceptoren 1 en 3 in de hersenen. Een vetzuurstaart houdt de stof bijna een week in het lichaam.
- Is cagrilintide bij mensen onderzocht?
- Ja. In een fase 2-studie bij 706 volwassenen zonder diabetes daalde het gewicht na 26 weken met tot 10,8 procent. Bij placebo was dat 3,0 procent. Samen met een GLP-1-middel liep het daarna door fase 3 in het REDEFINE-programma. Als los middel is het nergens goedgekeurd.
- Wat zegt het onderzoek over bijwerkingen van cagrilintide?
- Vooral maag-darmklachten zoals misselijkheid, braken, diarree en obstipatie. In de fase 2-studie werd 20 tot 47 procent van de deelnemers misselijk, tegen 18 procent bij placebo. De klachten waren meestal voorbijgaand en mild tot matig. Een aparte studie naar het hartritme vond geen klinisch relevante verlenging van het QTc-interval.
Reconstitutie
In onderzoek wordt gevriesdroogd materiaal opgelost met bacteriostatisch water. Dat gaat langzaam langs de wand van de flacon, waarna er rustig gezwenkt wordt en niet geschud. Voor peptiden die moeizaam oplossen komt soms verdund acetisch zuur in beeld.
Bewaren & houdbaarheid
Gevriesdroogd materiaal is het stabielst koel en donker. Na reconstitutie is het gevoeliger: in onderzoek gaat het dan de koeling in en is de houdbaarheid korter.
Hanteren
Dit materiaal hoort thuis in een schone, gecontroleerde onderzoeksomgeving, met geschikte beschermingsmiddelen. Uitsluitend voor wetenschappelijk onderzoek; niet voor humane consumptie of therapeutisch gebruik.